Gepocheerd ei met spinazie en rode wijn
benodigdheden voor 4 personen
- 4 eieren
- 400 g spinazie
- 2 dl azijn
- 2 l water
- 2 dl goede rode wijn (Bordeaux)
- 1 sjalot
- 2 laurierblaadjes
- 2 takjes tijm
- 1 snuifje suiker
- 200 g boter
- 1 lepel olijfolie
- peper en zout
- 1 mespuntje muskaatnoot
- 2 sneden wit brood
bereiding
- Het pocheren van de eieren gebeurt in 2 kookpotten. De ene pot vullen we met 1 l water en 2 dl azijn, de andere met 1 l water en een koffielepel zout. Breng het water in beide potten aan de kook. Laat het zachtjes, rimpelend koken.
- Breek de eieren alle vier apart in vier kopjes of kommetjes .
- Giet ze één voor één in het zacht kokende azijnwater. Laat ze gedurende 2 minuten langzaam garen.
- Hevel de eieren, met behulp van een schuimspaan, één voor één voorzichtig over in de pot met zout water en laat ze daarin nog anderhalve minuut liggen. Niet meer koken, anders
- worden de eieren hard.
- Haal de eieren uit het water en laat ze uitdruppen op een doekje of een velletje keukenrol.
- Snijd de aanhangsels van het eiwit wat weg, zonder de dooier te raken.
- Smelt een klontje boter in een pan. Stoof daarin de schoongemaakte en goed gewassen spinazie. Kruid met peper, zout en muskaatnoot. Laat een minuutje stoven.
- Haal de spinazie, zonder vocht, uit de pan en verdeel ze over schaaltjes. Leg er telkens een gepocheerd ei op.
- Snijd het brood in driehoekjes en toast deze. Leg ze bij het ei in de schaaltjes.
- Nu maken we de saus. Smelt een klontje boter, snipper de sjalot fijn en stoof deze in de boter. Voeg er tijm en laurier aan toe, alsook een snuifje suiker tegen de bitterheid.
- Deglaceer met de rode wijn en laat die inkoken tot 1/3 van het oorspronkelijke volume. Roer daar nu, één voor één, kleine stukjes harde boter onder.
- Kruid met peper en zout en giet door een fijne zeef.
- Giet de saus rond de spinazie en druppel wat olijfolie over de eieren.
Wijntip
Drink er dezelfde wijn bij als die gebruikt voor de saus; een jonge Bordeaux of een Bordeaux supérieur.